Een marinier gaat aan een lijn de rivier over

Marinier-1 Thomas is goed te spreken over de training in Bardufoss. “In het begin viel met name het marsen me zwaar, maar dat trok snel bij.” Rivercrossings, abseilen, survivallen; het gaat hem goed af. Het is met name de lengte van sommige oefeningen die de twintigjarige marinier uitdagen. “Zeker de marsen, die kunnen soms wel vijf tot acht uur duren. Dan ben je er op een gegeven moment echt wel klaar mee. Het duurt en het duurt maar, de tas begint te zeuren, je voeten gaan pijn doen; dat is even een stuk waar je je overheen moet zetten.”

‘Als je dienjaarders als hulpjes behandelt, sla je de plank mis’

Een deel van het peloton mortieristen is dienjaarder. Dit zijn jongeren die vrijwillig een jaar bij Defensie aan de slag gaan. Eerste luitenant Martijn: “We willen dat ze overal ervaring mee opdoen. Dus naast het feit dat ze de mortieropleiding volgen en hun rijbewijzen halen, nemen we ze ook mee naar Noorwegen.” De pelotonscommandant benadrukt het belang van gelijkwaardigheid. “Je kan dienjaarders als een soort hulpjes behandelen en ze de hele tijd jerrycans laten vullen, maar ik wil dat niet bij mijn club. Dan sla je voor wat betreft de bedoeling van het Dienjaar de plank mis. Bij ons draaien ze volledig mee en ze hebben het – mede daardoor – ook echt naar hun zin.”

Witte besneeuwde helling met in de verte een groepje militairen

De uitdagingen zijn uiteindelijk overwonnen. Martijn is content dat zijn eenheid de slagkracht van de 120mm mortier heeft kunnen tonen. “Tot voor kort was de 81mm-mortier de grootste die we bij luchtmobiel hadden. Maar de impact van de 120mm is echt wel heftiger. Als je ziet wat voor impact ons peloton kan hebben; die effecten zijn groot. Wanneer je het gevecht wil voeren zoals we dat hier plannen, dan heb je die slagkracht zeker nodig.”